Sticky

FAQ - De meest gestelde vragen over zonne-energie

  • 1 augustus 2017
  • 17 reacties
  • 1194 keer bekeken

Reputatie 3
Badge +8
Hallo allemaal,

Binnen 10 maanden zijn we gegroeid naar een community met meer dan 10.000 leden!
Dit had natuurlijk niet gekund zonder jullie, dus dank jullie allemaal wel voor alle vragen, discussies en input 🙂

Voor iedereen die nieuw is, of een van de onderstaande vragen heeft, heb ik de meest gestelde vragen voor je op een rijtje gezet.

1. Hoe kan ik de opbrengst van mijn zonnepanelen inzien?
2. Kun je eigen opwek zichtbaar maken met een slimme meter?
3. Waar kan je beter in investeren: Zonnepanelen of Windtegoed?
4. Waarom verschilt de opwek van de omvormers en de teruglevering van de slimme meter?

Staat je vraag er niet tussen en kan je hem op de community niet vinden? Maak dan een nieuw topic aan.
Mis je een topic die in dit rijtje hoort te staan? Laat het dan weten!

Groetjes, Nina

17 reacties

Reputatie 4
Badge +6
Beste Nina ,
Hierbij een mooie plek voor een mooie ontwikkeling .

https://solarmagazine.nl/u/magazine/sm1-2018.pdf#page=32

‘Zon op zee binnen 7 jaar goedkoper dan wind op zee’

>>> Oceans of Energy bouwt drijvende pv op zee

Volgend jaar moet voor de Nederlandse kust het eerste drijvende zonnepark op zee ter wereld verrijzen. Een opmaat naar grootschalige uitrol: ‘Zon op zee is binnen 7 jaar goedkoper dan wind op zee.’ Dit stelt Allard van Hoeken, oprichter van Oceans of Energy uit Leiden.

Lees meer


Groet Giel .
Reputatie 4
Badge +6
2. Kun je eigen opwek zichtbaar maken met een slimme meter?

Ja ,
Zeg ik volmondig , Als je kan zien hoeveel je PV levert , kun je via een portal of zelf de data er uit zien en halen . je ziet constant op die meter of je terug levert en wanneer het teken wisselt tussen
terug en leveren , je weet wat je sluimerverbruik is je weet wat je extra aanzet om te testen waar de grenzen zijn .METEN IS WETEN ! .
Badge +5
Hoi G.F. Klaver,

Bedankt voor je toevoegingen op één van ons meest gestelde vraag en interessante artikelen die je met ons hebt gedeeld! Zon op zee erg innovatief, laten we hopen dat we mede door dergelijke initiatieven snel onze duurzaamheidsdoelen gaan behalen.
Op naar een groen en schoon Nederland!

Groet,
Serena
Reputatie 4
Badge +6

Zonnepanelen: glas-glas of glas-folie?

http://vakbladwarmtepompen.nl/wp-content/uploads/2018/05/Solarwatt_2_web-e1526307126975-300x200.jpg
De nieuwste generatie zonnepanelen worden steeds meer toegepast; glas-glas. Aangezien garanties, opbrengst en veiligheid belangrijker worden, lijken de dagen voor glas-folie zonnepanelen dan ook geteld.
Erik de Leeuw is algemeen directeur van SOLARWATT, dat zowel glas-glas als glas-folie zonnepanelen produceert. Samen met Stefan van der Laan, directeur van installatiebedrijf Groene-Woningen, laat hij zijn licht schijnen op beide technieken en de ontwikkelingen in de sector.
Wat is het voordeel van glas-glas boven glas-folie?
“Folie brandt, buigt en verweert sneller. Bij glas-folie zonnepanelen dringen vocht, zuurstof en schadelijke substanties, zoals ammoniak en schadelijke gassen, beetje bij beetje in het zonnepaneel en zorgen zo voor vermogensverlies. Bij glas-glas zonnepanelen is dit niet mogelijk: de cel wordt perfect beschermd door twee glasplaten aan weerszijden. Doordat glas-folie zonnecellen kwetsbaarder zijn, worden ze bovendien blootgesteld aan trekspanning. Hierdoor bestaat het risico dat ze scheuren. Als ze herhaaldelijk te lijden hebben onder trekspanning kunnen zogenoemde hotspots ontstaan, die het vermogen van het hele zonnepaneel negatief beïnvloeden. Daarnaast scoren glas-glas zonnepanelen hoger op brandveiligheid: de plastic folie aan de achterzijde is vatbaarder voor brand. Glas-glas zonnepanelen zijn daartegen bestand, omdat glas niet brandt.”
Hoe zit het met de garantie?
“Wij gebruiken de laatste 5 jaar alleen nog maar glas-glas zonnepanelen van SOLARWATT”, zegt Stefan van der Laan, directeur Groene-Woningen. “Steeds meer ervaren wij problemen in de markt met de claimbaarheid van garanties op glas-folie zonnepanelen”, vult van der Laan aan. “Bij glas-folie zonnepanelen ontstaan namelijk veel vaker microcracks door bijvoorbeeld transport, extreme hagel of doordat een monteur er met zijn knie op leunt. Deze microcracks zijn met het blote oog niet zichtbaar en verergeren na verloop van tijd. Omdat deze schade vaak later boven water komt, valt dit vaak buiten de vastgestelde garantieperiode. Dit probleem ervaren wij niet bij glas-glas zonnepanelen, dankzij de extreme duurzaamheid.”
De full-black zonnepanelen van SOLARWATT vormen een mooi geheel met het dak. En qua prijs?
“Als je kijkt naar de aanschaf- en installatiekosten, het vermogen en de slijtage, dan is over de hele linie glas-folie veel minder aantrekkelijk dan glas-glas. De kosten zijn aanvankelijk iets lager, maar het vermogen neemt doorgaans na ongeveer tweeduizend uur al af. De reden? Vocht en zuurstof tasten de zonnecellen aan. Glas-glas zonnepanelen daarentegen verkeren na vijfduizend uur nog vrijwel in nieuwe staat en hebben dan niets van het vermogen verloren. Ter vergelijking: in dertig jaar tijd produceren glas-glas zonnepanelen ongeveer 25 procent meer stroom dan glas-folie. Dan is een afweging voor de klant snel gemaakt.”
Zien jullie nog andere trends in de sector?
“De vraag naar esthetiek is een ander belangrijk criterium als men de keuze maakt voor zonnepanelen. De full-black zonnepanelen van SOLARWATT worden steeds meer toegepast omdat de zonnepanelen een mooi geheel vormen met het dak en het straatbeeld weinig beïnvloeden. Daarnaast zien we dat glas-glas zonnepanelen met PERC (Passivated Emitter Rear Cell) technologie sterk toenemen. Deze zonnepanelen hebben een hoger vermogen en functioneren nog beter bij weinig licht waardoor ze beter geschikt zijn voor het Nederlandse klimaat.”
[img]http://vakbladwarmtepompen.nl/wp-content/uploads/2018/05/Solarwatt_1_web-e1526306954145-272x181.jpg[/img]
Glas-glas zonnepanelen verkeren na vijfduizend uur nog vrijwel in nieuwe staat en hebben dan niets van het vermogen verloren. Hoe werkt PERC precies?
“Een flinke portie bewolking is voor ons Nederlanders niet onbekend. Wolken werken als een natuurlijk kleurenfilter van het zonlicht. Kleuren met een korte golflengte worden tegengehouden en kleuren met een langere golflengte gaan erdoorheen. De kleur rood heeft een langere golflengte en wordt niet door een wolk tegengehouden en daardoor opgevangen in de zonnecel. En dat is nu juist het gebied waar PERC-zonnecellen het meeste rendement uit halen. PERC-zonnecellen geven een hoger rendement en presteren hierdoor beter bij lage lichtniveaus.”
PERC-zonnecellen
“Het enige nadeel van PERC-zonnecellen is dat deze gevoeliger zijn voor vocht en zuurstof. Dit type zonnecellen is dus minder geschikt voor traditionele glas-folie zonnepanelen, aangezien de kans groter is dat het vermogen harder achteruitgaat. Om deze reden is de combinatie van PERC-zonnecellen met glas-glas veel duurzamer en rendabeler. Over het algemeen gaan de prestaties van een zonnecel omlaag naarmate de cel warmer wordt. De energie wordt dan weer omgezet in warmte. Bij glas-glas panelen is dat een ander verhaal. Die houden de zonnecellen koeler en daarmee het rendement hoger.”


Een mooie artikel , hoe een en ander in zijn werk gaat !
Reputatie 1
Badge +2
Hoi G.F.Klaver,

Bedankt dat je dit interessante artikel met ons hebt gedeeld!

Groet,

Lucia
Reputatie 4
Badge +6
Dit is wel de plaats om deze info te posten , ook besparing maar de gevolgen dat iedereen die BTW verrekend heeft ook btw plichtig is maar niet boven de grensomzet van € 1345,00 blijft . Dus je hebt naar de regels van de belastingdienst een onderneming !

Staatssecretaris over btw: nieuwe kleineondernemersregeling heeft geen effect op particuliere eigenaren van zonnepanelen



De nieuwe kleineondernemersregeling (KOR) heeft volgens Menno Snel, staatssecretaris van Financiën, naar verwachting geen effect op particuliere eigenaren van zonnepanelen.
Tot en met eind 2017 maakten 204.000 particuliere eigenaren van zonnepanelen gebruik van de ontheffing van administratieve verplichtingen van de KOR. De verwachting is volgens de staatssecretaris dat deze groep ondernemers eind 2019 zal zijn toegenomen tot 330.000.
‘Een specifieke groep ontheven ondernemers die naar verwachting geen effect ondervinden van de overgang van de huidige KOR naar de nieuwe KOR zijn de natuurlijke personen die eigenaar zijn van zonnepanelen (in de praktijk aangeduid als: particuliere eigenaren van zonnepanelen)’, schrijft Snel in een brief aan de Tweede Kamer. ‘Op 20 juni 2013 is door het Hof van Justitie van de Europese Unie bepaald dat particuliere eigenaren van zonnepanelen die duurzaam en tegen vergoeding energie leveren aan een energiemaatschappij, voor de btw kwalificeren als ondernemer. Het btw-ondernemerschap brengt naast administratieve verplichtingen, zoals factuurverplichtingen en aangifteplicht, ook het recht op aftrek van voorbelasting mee. Veel van deze ondernemers maken momenteel in het jaar van aanschaf van de zonnepanelen gebruik van hun recht op aftrek van voorbelasting. In dat jaar verkeren zij in een teruggaaf positie en krijgen zij per saldo btw terug. In de daarop volgende jaren passen deze ondernemers de huidige KOR toe en verzoeken zij om ontheffing van de administratieve verplichtingen. Particuliere eigenaren van zonnepanelen die geen andere economische activiteiten hebben, blijven in de praktijk altijd beneden de huidige KOR-grens voor volledige vermindering van 1.345 euro en zullen ook beneden de omzetdrempel van de nieuwe KOR blijven.’
De huidige KOR is volgens het kabinet toe aan modernisering, omdat deze een drietal belangrijke nadelen kent. Het eerste nadeel heeft te maken met de administratieve lasten. De toename van de populatie kleine ondernemers leidt tot steeds hogere uitvoeringskosten voor de Belastingdienst en administratieve lasten voor ondernemers, terwijl het financiële belang gering is. Een tweede nadeel is volgens Snel dat Nederland met de opzet van de huidige KOR een beperkte beleidsvrijheid heeft. De btw-richtlijn 2006 staat het namelijk niet toe de voorwaarden voor de toekenning van de huidige KOR gunstiger te maken. Zo mag de bovengrens van de vermindering in de huidige KOR niet worden verhoogd. Een derde nadeel is volgens de staatssecretaris dat de huidige KOR zijn doel soms voorbij schiet, omdat de regeling niet alleen wordt toegepast door de doelgroep: ondernemers met een geringe omzet. Doordat de huidige KOR momenteel gekoppeld is aan de per saldo verschuldigde btw kunnen ook ondernemers met hoge omzetten, maar met een laag bedrag aan verschuldigde btw, gebruik maken van de huidige KOR. Dit zijn bijvoorbeeld ondernemers die veel goederen exporteren tegen het btw-tarief van 0 procent. Het kabinet wilt daarom de huidige KOR moderniseren door de regeling te vervangen door een facultatieve omzetgerelateerde vrijstelling van omzetbelasting met een omzetgrens van 20.000 euro.
Reputatie 4
Badge +6

Wat is beter: micro-, stringomvormers of een systeem met optimizers?

energie
De één zweert bij micro-omvormers, de ander vindt de ‘ouderwetse’ stringomvormer de beste oplossing voor een zonnestroominstallatie. Een derde heeft toch liever een systeem met optimizers. Het rijtje oplossingen wordt steeds groter.


Door Richard Mooi

Stringomvormer

De stringomvormer is het meest gebruikt. Alle zonnepanelen worden in serie aangesloten op de omvormer en vormen dus één string. Nadeel is dat bij schaduw op een deel van de panelen, de totale opbrengst wegzakt. De zogenaamde maximum powerpoint-tracker (MPPT) reageert op het minst presterende paneel in de string. Dat hoeft niet ééns een beschaduwd paneel te zijn. Tussen een batch zonnepanelen zit zelfs een verschil in opbrengst. De zogenoemde vermogenstolerantie kan wel enkele procenten bedragen. Het beste paneel uit de serie zal dus nooit maximaal presteren omdat het slechtste paneel de zwakste schakel is. Grotere omvormers kunnen meerdere strings aan. Het voordeel is dat elke string zijn eigen MPP-tracker heeft. Met een omvormer met twee strings kan een noord-zuidopstelling worden gemaakt. Of panelen die veel in schaduw krijgen kunnen eveneens op de tweede string worden aangesloten.

SolarEdge omvormer

Eén merk is hier alleenheerser: SolarEdge. Het bedrijf levert omvormers in combinatie met optimizers voor montage achter elk zonnepaneel. Soms zijn de panelen in de fabriek als voorzien van de SolarEdge-optimizers. SolarEdge garandeert dat elk paneel altijd maximaal presteert. Gemiddeld is de opbrengst van een pv-installatie met optimizers zo’n 14% hoger, meldt het bedrijf. Elk paneel is door de optimizers goed te monitoren. Volgens leveranciers is SolarEdge een populair systeem bij particuliere daken. Het is geen goedkope oplossing. Het is daarom de vraag of je de extra investering eruit haalt.

Huawei

Huawei heeft voor een mixvorm gekozen. De stringomvormers zijn uit te breiden met optimizers van hetzelfde bedrijf. Alleen panelen die veel last hebben van schaduw krijgen een optimizer. Wie de opbrengst van die panelen wil monitoren moet een extra kastje tussen de omvormer en de string plaatsen. De drie-fase omvormer heeft al een ingebouwde communicatiemodule met de optimizers.
Tip: Installatie Journaal heeft een gratis whitepaper over omvormers

Tigo optimizers

De laatste jaar zijn er optimizers van Tigo op de markt gekomen. Ze zijn geschikt voor elke willekeurige stringomvormer. Panelen die veel last hebben van schaduw krijgen dan een Tigo-optimizer. Ze zijn ook achteraf aan een zonne-installatie toe te voegen. De opbrengst per paneel monitoren, zoals bij de optimizers van SolarEdge en Huawei, is mogelijk maar vereist een investering in gateway en afleesunit. Voor twee paneeltje dat een dure oplossing. Natuurlijk is de totale opbrengst van de installatie gewoon op de stringomvormer af te lezen.

Micro-omvormers

Volgens voorstanders is dit de ultieme vorm van DC/AC-omvorming. Elke paneel krijgt een eigen omvormertje. Soms zijn er twee of vier omvormers in één behuizing ondergebracht, zodat je minder AC-bedrading hoeft door te lussen op het dak. Bij micro-omvormers kan de positieve vermogenstolerantie van de panelen worden benut, en is er geen last van schaduw of een vogelpoepje op één paneel. De opbrengst per paneel is gemakkelijk te monitoren. Nog een voordeel: bij brand schakel je de wisselspanning eenvoudig binnenshuis af. Er blijft geen hoge DC-spanning op het dak achter, zoals bij stringomvormers. Het aanbod aan micro-inverters is inmiddels zeer breed, maar toch is het geen populaire oplossing. Ze zijn beduidend duurder in aanschaf, maar hoeven –als het goed is- tijdens de verwachte levensduur van pv-panelen (25 jaar) niet vervangen te worden. Fabrikanten geven vaak 20 jaar garantie. Maar goed, er kan altijd ééntje stuk gaan en dan moet je voor die éne kapotte omvormer wel het dak. Alleen al dat kan in de papieren lopen.

Een grote en kleinere stringomvormer

De kleinste stringomvormers hadden vaak een vermogen vanaf 2 kWp. De laatste tijd komen er ook kleinere omvormers van 1000 Wp of zelfs 700 Wp. De 3 of 4 panelen die ’s middags in de schaduw van een dakkapel komen zet je dan op een kleinere stringomvormer. De andere panelen op een grote stringomvormers. Dit zou wel eens de goedkoopste oplossing kunnen zijn.
Andere artikelen over omvormers:
Eerste publicatie door Marjolein Eilander op 25 apr 2019
Laatste update: 25 apr 2019
Reputatie 4
Badge +6

Reputatie 4
Badge +6
Dit is een PV dak .
Tesla solar roof.

Dus een vernieuwd dak met veel isolatie en geen dakbedekking !!
Er zal alleen een waterdichte folie onder zitten met hecht punten voor de PV paneeltjes ..
MAAR GEEN DURE PANNEN OF WAT DAN OOK .

En zelf :
Schoonhouden heb ik nooit gedaan met mijn 16 panelen en op 21 juni a.s. is mijn PV 6 jaar oud en ga ik over de 26000 kilowatt energie geproduceerd heen .😎

Nog steeds met een mooie zonnige dag ga ik ruim over de 3000 watt heen als maximum productie

Dan zet ik de wasmachine aan met een glimlach . en de Zonneboiler 200 liter naar meer dan 80 graden en de Warmtepomp / lucht water maakt 300 liter 40 graden en dan is die 3 KW nog genoeg .🤓
Een goed belucht huis met een RV van rond 50 % GRATIS ! Ben ik een Nederlander of NIET ?
Reputatie 4
Badge +8
Hoi @G.F.Klaver,

Leuk dat je je eigen gegevens deelt! En inderdaad, dat is behoorlijk Nederlands ;)

Ga zo door en op naar een zonnige zomer!

Groet,
Tomer
Reputatie 4
Badge +6

‘Duurzame waterstof wordt sneller betaalbaar dan verwacht’

energie
Volgens waterstofgezant Noé van Hulst zijn er tekenen dat duurzame waterstof sneller betaalbaar wordt verwacht.


Volgens onderzoekers is duurzame waterstof nog steeds te duur om op grote schaal in te zetten. Volgens sommige schattingen zullen de prijzen tot 2030 niet voldoende dalen.

Toekomst duurzame waterstof

Ondanks de onzekerheid over de toekomst van duurzame waterstof, zijn er veelbelovende tekenen dat het sneller betaalbaar wordt dan verwacht. Dit constateert Noé van Hulst, waterstofgezant bij het ministerie van Economische Zaken en Klimaat. Voor Installatie Journaal schreef hij een blog over de toekomst van duurzame waterstof.

Dossier Waterstof & brandstofcellen

Reputatie 4
Badge +6
foto: NMF
7 juni 2019

Natuur en Milieufederaties presenteert checklist natuurwaarden voor zonneparken

De Natuur en Milieufederaties (NMF’s) en Natuur & Milieu (N&M) hebben een checklist opgesteld voor de omgang met natuurwaarden bij initiatieven voor zonneparken. Zonnepanelen en natuur moeten zo hand in hand gaan.
Het initiatief komt voort uit de Green Deal ‘Participatie van de Omgeving bij Duurzame Energieprojecten’, die vorig jaar werd ondertekend door 27 partijen waaronder Holland Solar.
In goed overleg
Het doel van de checklist is dat de betrokken partijen bij een nieuw initiatief in goed overleg bepalen welke natuuraspecten extra of juist minder aandacht behoeven en dat ze afspraken maken over de wijze van vooronderzoek en eventuele realisatie. Dit bespoedigt volgens de NMF’s een zorgvuldige borging van het natuurbelang bij ontwikkeling en exploitatie van projecten, faciliteert procesparticipatie bij projecten en vergroot de kans op acceptatie van nieuwe initiatieven voor grondgebonden zonne-energie.
Andere locaties onderzoeken
Onderdeel van de checklist is om altijd andere mogelijke locaties binnen het zoekgebied te inventariseren die zich vanuit natuurbelang beter lenen voor grondgebonden zonneparken. Men denkt daarbij aan bedrijventerreinen, op of langs infrastructuur, parkeerterreinen en oude vuilstortplaatsen. De eerder dit jaar gepubliceerde handreiking De Constructieve Zonneladder van de NMF’s biedt lokale overheden hiervoor een stappenplan.
2 stadia
In de checklist onderscheidt men 2 stadia in de planvorming:
  1. locatiekeuze binnen een gebied en;
  2. de inrichting van een grondgebonden zonnepark.
Ook maakt men onderscheid tussen aspecten die sterk samenhangen met verplichtingen vanuit wet- en regelgeving, en andere aspecten.
Locatiekeuze
Onder locatiekeuze (locatieniveau) bevat de handreiking de volgende inspanningen – voortvloeiend uit wettelijke verplichting en volgens de NMF’s gangbaar beleid – voor de initiatiefnemer van een zonnepark:
  1. Betrek in het vooronderzoek alle relevante beleidskaders voor natuurgebieden, flora en fauna en andere ecologische waarden, zowel nationaal, provinciaal als gemeentelijk.
  2. Breng de referentiesituatie van het betreffende perceel in kaart, in termen van huidige, planologische en potentiële natuurwaarden.
  3. Onderzoek op basis van de referentiesituatie de mogelijke ecologische impact op het lokale ecosysteem.
  4. Maak in het onderzoek naar de ecologische impact gebruik van actuele, betrouwbare informatie en onderzoeken over de natuurwaarde van het betreffende gebied; zoom hierbij in op relevante soorten, ook qua vegetatie.
  5. Onderzoek de mogelijke effecten op andere soorten, die geen zwaar beschermde status hebben maar die wel typerend of waardevol zijn in het gebied.
  6. Indien bij een zonproject ondanks goede inpassingsmaatregelen negatieve effecten te verwachten zijn op natuurwaarden of soorten, kijk dan naar compensatie als onderdeel van het projectplan.
Inrichtingsniveau
Ook op het inrichtingsniveau heeft een initiatiefnemer volgens de NMF’s nog diverse mogelijkheden om de ecologische impact van het project te verkleinen en extra natuurwaarde te creëren. Men pleit daarbij voor maatregelen op de volgende onderwerpen:
  1. Lichtinval: differentiatie in lichtinval kan leiden tot meer variatie in flora en fauna.
  2. Waterhuishouding: laat voldoende ruimte tussen de zonnepanelen voor een betere verdeling van regenwater. Vervangt het zonnepark agrarische productie, verhoog dan de grondwaterstand als het lokale ecosysteem daarbij gebaat is.
  3. Ruimtebeslag: een minder intensieve inrichting – met ruimte voor natuur – kan op bepaalde locaties kansen bieden om de natuurwaarde van een perceel te verhogen.
  4. Natuurinclusief ontwerp: er zijn tal van mogelijkheden om in en rondom de zonnepanelen extra kansen te bieden aan de natuur. Daarmee zijn nieuwe waardevolle plekken te creëren voor kwetsbare soorten.
Door Edwin van Gastel
Reputatie 4
Badge +6
foto: G2Energy
12 juni 2019

Opening grootste zonnewarmtepark uitgesteld door stormschade aan kas, zonnecollectoren schadevrij

De opening van het grootste zonnewarmtepark van Nederland is uitgesteld. De naastgelegen kassen bij fresiateler Pip Tesselaar in Heerhugowaard zijn namelijk zwaar beschadigd door de storm van afgelopen week.
Hortipoint meldt dat een windhoos over de kassen getrokken is waardoor meer dan 1.300 ruiten zijn gesneuveld. Tesselaar is nu met de verzekeraar en de kassenbouwer in gesprek over het herstellen van de schade.
Hagelschade
Brancheorganisatie LTO meldt het volgende: ‘Een groot deel van het glazen plafond is naar beneden gekomen door de hagelschade, waardoor hij niet alleen grote schade heeft aan zijn kas zelf, maar ook aan zijn fresia’s die hij daar verbouwt.’
Deze week zou op het terrein van Tesselaar officieel het zonnepark met 9.300 vierkante zonnecollectoren geopend worden. Het is gebouwd door G2Energy. De zonnecollectoren hebben overigens geen enkele schade opgelopen.
Door Edwin van Gastel, Marco de Jonge Baas

Reputatie 4
Badge +6

warmtevraag

Geplaatst op 11 juni 2019 =59]Overige verwarming

Tekst: Mari van Lieshout
Met een forse uitbreiding van het aantal bioketels kan in 2030 1,5 tot 7 procent van de warmtebehoefte van Nederlandse huishoudens en gebouwen worden gedekt. Dat blijkt uit onderzoek dat CE Delft heeft uitgevoerd in opdracht van de Nederlandse Vereniging van Biomassaketelleveranciers (NBKL).
Nederland telt volgens schattingen op dit moment zo'n 8900 op biomassa gestookte ketels bij huishoudens en bedrijven. Dat is een fractie van het aantal dat nodig is. CE Delft rekende uit dat om de potentiële 1,5 tot 7 procent van de warmtevraag te halen, er 76.300 tot 275.730 bioketels bij moeten komen.
Volgens NBKL-voorzitter Eppo Bolhuis moet de groei met name gezocht worden bij woningen en gebouwen die landelijk gelegen en slecht geïsoleerd zijn. Op die locaties is het aanleggen van een warmtenet duur en zouden voor het overschakelen op een all electric-oplossing grote aanpassingen aan het gebouw of zelfs netverzwaring nodig zijn. Dan is een bioketel de meest kosteneffectieve duurzame oplossing.

Subsidie

Maar helemaal vanzelf zal het niet gaan om bioketel op grote schaal in te zetten. Daarvoor is wel een flinke subsidie nodig. Het beslag dat op de ISDE wordt gelegd, de aanschafsubsidie voor warmtepompen, zonneboilers en bioketels, loopt in de berekeningen uiteen van jaarlijks 8,4 miljoen tot 45 miljoen euro. Dat is bijna de helft van de een jaarlijks beschikbare subsidie van 100 miljoen euro. De subsidiepot is duidelijk te klein om verduurzaming in de gebouwde omgeving te bewerkstelligen, stelt Bolhuis in een reactie. 'Er zal meer geld moeten komen voor gebouwgebonden voorzieningen.'

Vier scenario's

De onderzoekers hebben vier scenario's voor de energietransitie doorgerekend. De vier scenario's variëren in de wijze waarop de energietransitie wordt gestuurd. Dat kan regionaal gebeuren, nationaal, internationaal of simpelweg door de markt het te laten oplossen. Bioketels nemen een grote vlucht in het internationale scenario, waarin internationale handel in energiedragers een belangrijke rol heeft. Het minst rooskleurige perspectief is er voor bioketels in het geval dat de markt de overhand heeft. In dat geval wordt biomassa juist ingezet voor de productie van elektriciteit en waterstof, en in veel mindere mate bij individuele huishoudens en gebouwen.
Desondanks hebben bioketels ten opzichte van de huidige markt een rooskleurige toekomst in elk scenario. Dat verheugt Bolhuis. 'In discussies rondom verduurzaming gaat het over warmtenetten en warmtepompen. Andere opties worden vrijwel niet besproken. Deze studie laat zien dat er ook voor bioketels een behoorlijk potentieel is.'

Kritisch

Niet alle biomassa is per definitie duurzaam. Met name over houtpellets wordt kritisch geoordeeld. Ten onrechte, vindt de branche. De vereniging Nederlandse Haarden- en Kachelbranche (NHK) sloot al een convenant Groen Stoken af, om te zorgen dat er op de juiste manier en met duurzame brandstof wordt gestookt. Dat gaat om haarden en kachels die een ruimte verwarmen. De bioketels van de NBKL zijn bedoeld om een gasgestookte cv-ketel te vervangen en kennen geringe uitstoot van fijnstof. En ook de NBKL staat voor duurzame brandstof, aldus Bolhuis. 'De soort brandstof die wordt gebruikt zou moeten worden voorgeschreven.'
Reputatie 4
Badge +6

Stedin vraag eigenaren pv-panelen toestemming voor uitlezen slimme meter

Geplaatst op 12 juni 2019 =19]Zonne- en alternatieve energie

Tekst: Mari van Lieshout
Stedin wil gedurende twintig dagen de slimme meters uitlezen van zo veel mogelijk geregistreerde bezitters van zonnepalen. De netbeheerder is vooral actief in Zuid-Holland en Utrecht heeft hen een mail gestuurd met het verzoek om toestemming. Op deze manier denkt Stedin haar net beter bestand te kunnen maken tegen het piekaanbod van zonnestroom in de zomermaanden.
Zo'n 100.0000 eigenaren van pv-panelen ontvingen van netbeheerder Stedin een mailtje met als onderwerp ‘Draagt u bij aan een betrouwbaar energienet?’. Het is de inleiding van een verzoek om van 11 juni tot 1 juli de slimme meters te mogen uitlezen. De netbeheerder belooft alle daarmee vergaarde individuele gegevens voor het einde van het jaar weer te vernietigen. Inmiddels hebben al meer dan 10.000 klanten toestemming gegeven voor het uitlezen van de meters.

Proactief

Stedin wil met de data proactief vast kunnen stellen waar mogelijke problemen met de teruglevering kunnen ontstaan. Nederlandse omvormers zijn zo ingesteld dat ze uitschakelen als de netspanning lokaal de 253 V overschrijdt. In verband met de Europese privacyvoorschriften in de AVG vraagt Stedin voor de zekerheid om toestemming voor het uitlezen van spanningspieken en spanningsdips. Het betreft hier uitdrukkelijk niet de verbruiksgegevens die door de energieleverancier worden uitgelezen. Die individuele gegevens zijn niet voor de netbeheerder toegankelijk.
De slimme meter is ooit ingevoerd met het primaire doel om energiebesparing door de consument te faciliteren, maar op deze manier kan het de netbeheerder ook helpen de netspanning op peil te houden. Voor Stedin is dit een voordelige manier om de benodigde data te verzamelen. Zo hoeft de netbeheerder niet op allerlei plekken spanningsmeters in het laagspanningsnet te zetten. Dat zou weer zorgen voor hogere maatschappelijke kosten, die uiteindelijk aan te klant moeten worden doorberekend.

PIR-register

Niet alle zonnepaneelbezitters hebben overigens het verzoek ontvangen, maar alleen eigenaren die geregistreerd staan in het PIR-register. Als iemand zonnepanelen op zijn dak schroeft, is hij verplicht dit te melden in het PIR, maar niet iedereen doet dat. Een steekproef waarbij Stedin vorige zomer de aanmeldingen vergelijk met luchtfoto’s suggereert dat een kwart van de pv-eigenaren bewust of onbewust onder de radar blijft. Daarmee kunnen ze zichzelf in de vingers snijden als hun omvormer vanwege een te hoge netspanning afschakelt, doordat het de netbeheerder aan voldoende informatie ontbrak om de netspanning op peil te houden.
De netbeheerders Liander en Enexis behouden zich in hun algemene voorwaarden overigens het recht voor spanningsgegevens uit te lezen en software updates te installeren. Enexis Netbeheer kampt met name in Groningen en Drenthe met grotere terugleverproblemen dan Stedin. Voor deze netbeheerder vormen vooral grootschalige zonneparken een probleem. In de regio is het stroomnet lang niet altijd voorzien op grootschalige lokale teruglevering. Hierdoor moeten grote pv-projecten, die zich vanwege lage grondprijzen in Groningen en Drenthe concentreren jaren wachten op de benodigde netverzwaring om een aansluiting te kunnen krijgen.
Reputatie 4
Badge +6

Wat is beter: micro-, stringomvormers of een systeem met optimizers?

energie
De één zweert bij micro-omvormers, de ander vindt de ‘ouderwetse’ stringomvormer de beste oplossing voor een zonnestroominstallatie. Een derde heeft toch liever een systeem met optimizers. Het rijtje oplossingen wordt steeds groter.


Door Richard Mooi

Stringomvormer

De stringomvormer is het meest gebruikt. Alle zonnepanelen worden in serie aangesloten op de omvormer en vormen dus één string. Nadeel is dat bij schaduw op een deel van de panelen, de totale opbrengst wegzakt. De zogenaamde maximum powerpoint-tracker (MPPT) reageert op het minst presterende paneel in de string. Dat hoeft niet ééns een beschaduwd paneel te zijn. Tussen een batch zonnepanelen zit zelfs een verschil in opbrengst. De zogenoemde vermogenstolerantie kan wel enkele procenten bedragen. Het beste paneel uit de serie zal dus nooit maximaal presteren omdat het slechtste paneel de zwakste schakel is. Grotere omvormers kunnen meerdere strings aan. Het voordeel is dat elke string zijn eigen MPP-tracker heeft. Met een omvormer met twee strings kan een noord-zuidopstelling worden gemaakt. Of panelen die veel in schaduw krijgen kunnen eveneens op de tweede string worden aangesloten.

SolarEdge omvormer

Eén merk is hier alleenheerser: SolarEdge. Het bedrijf levert omvormers in combinatie met optimizers voor montage achter elk zonnepaneel. Soms zijn de panelen in de fabriek als voorzien van de SolarEdge-optimizers. SolarEdge garandeert dat elk paneel altijd maximaal presteert. Gemiddeld is de opbrengst van een pv-installatie met optimizers zo’n 14% hoger, meldt het bedrijf. Elk paneel is door de optimizers goed te monitoren. Volgens leveranciers is SolarEdge een populair systeem bij particuliere daken. Het is geen goedkope oplossing. Het is daarom de vraag of je de extra investering eruit haalt.

Huawei

Huawei heeft voor een mixvorm gekozen. De stringomvormers zijn uit te breiden met optimizers van hetzelfde bedrijf. Alleen panelen die veel last hebben van schaduw krijgen een optimizer. Wie de opbrengst van die panelen wil monitoren moet een extra kastje tussen de omvormer en de string plaatsen. De drie-fase omvormer heeft al een ingebouwde communicatiemodule met de optimizers.
Tip: Installatie Journaal heeft een gratis whitepaper over omvormers

Tigo optimizers

De laatste jaar zijn er optimizers van Tigo op de markt gekomen. Ze zijn geschikt voor elke willekeurige stringomvormer. Panelen die veel last hebben van schaduw krijgen dan een Tigo-optimizer. Ze zijn ook achteraf aan een zonne-installatie toe te voegen. De opbrengst per paneel monitoren, zoals bij de optimizers van SolarEdge en Huawei, is mogelijk maar vereist een investering in gateway en afleesunit. Voor twee paneeltje dat een dure oplossing. Natuurlijk is de totale opbrengst van de installatie gewoon op de stringomvormer af te lezen.

Micro-omvormers

Volgens voorstanders is dit de ultieme vorm van DC/AC-omvorming. Elke paneel krijgt een eigen omvormertje. Soms zijn er twee of vier omvormers in één behuizing ondergebracht, zodat je minder AC-bedrading hoeft door te lussen op het dak. Bij micro-omvormers kan de positieve vermogenstolerantie van de panelen worden benut, en is er geen last van schaduw of een vogelpoepje op één paneel. De opbrengst per paneel is gemakkelijk te monitoren. Nog een voordeel: bij brand schakel je de wisselspanning eenvoudig binnenshuis af. Er blijft geen hoge DC-spanning op het dak achter, zoals bij stringomvormers. Het aanbod aan micro-inverters is inmiddels zeer breed, maar toch is het geen populaire oplossing. Ze zijn beduidend duurder in aanschaf, maar hoeven –als het goed is- tijdens de verwachte levensduur van pv-panelen (25 jaar) niet vervangen te worden. Fabrikanten geven vaak 20 jaar garantie. Maar goed, er kan altijd ééntje stuk gaan en dan moet je voor die éne kapotte omvormer wel het dak. Alleen al dat kan in de papieren lopen.

Een grote en kleinere stringomvormer

De kleinste stringomvormers hadden vaak een vermogen vanaf 2 kWp. De laatste tijd komen er ook kleinere omvormers van 1000 Wp of zelfs 700 Wp. De 3 of 4 panelen die ’s middags in de schaduw van een dakkapel komen zet je dan op een kleinere stringomvormer. De andere panelen op een grote stringomvormers. Dit zou wel eens de goedkoopste oplossing kunnen zijn.
Andere artikelen over omvormers:
Eerste publicatie door Marjolein Eilander op 25 apr 2019
Laatste update: 25 apr 2019
Reputatie 4
Badge +6

Overbelasting meterkast door omvormer zonnepanelen

elektrotechniek
Zomaar de groepenverdeler uitbreiden met een eindgroep voor zonnepanelen kan leiden tot overbelasting van componenten en bedrading, schetst Marcel Wennekes, voorzitter van de NEN-normcommissie voor meterruimten.


Door Richard Mooi
Het gebeurt dagelijks vele tientallen keren. Een pv-omvormer met 10 tot 16 panelen wordt aangesloten op de bestaande groepenverdeler in de meterkast. Een eindgroepje erbij, een stickertje plakken voor de brandweer, een laatste kop koffie, ladders inladen en klaar.

Maximale stroomsterktes

Installateurs zijn zich vaak niet bewust van de maximale stroomsterktes, zegt voorzitter Marcel Wennekes van de NEN-normcommissie meterruimten. “Als je 40 ampère hebt van de netbeheerder en maximaal 16A van de pv-installatie, heb je maximaal 56 ampère die door de gebruikers afgenomen kan worden.”

Te warme componenten

De aardlekschakelaar die de afgaande groepen beveiligt is vaak maar geschikt voor een stroom tot 40 ampère, net zoals de interne bedrading. Het gevolg? “De componenten zullen –afhankelijk van hoelang de belasting duurt, te warm worden. Dat gaat een keertje fout. De weekmakers verdampen en na 1 of 2 jaar zijn de weekmakers er uit. Dan gaan de componenten en bedrading kapot en kun je kortsluiting krijgen.”

Wat is de oplossing?

“De gemakkelijkste oplossing is om de hoofdschakelaar te vervangen door een automaat. De zonnepanelen moeten dan voor die beveiliging worden aangesloten. De automaat beveiligt de installatie op 40 ampere.”

Installateurs zijn zich vaak niet bewust van de maximale stroomsterktes

Een tweede mogelijkheid is om de aardlekschakelaars te vervangen door aardlekautomaten van 40 ampère.” De derde oplossing zit ‘m in het vervangen van de aardlekschakelaars die geschikt zijn voor 63 in plaats van 40A. “Maar als je dat doet, ben moet je volgens de norm de gehele kast testen op 63 ampère.” En dan valt de groepsverdeler waarschijnlijk door de mand. “De kasten zijn zo compact. Je gaat die 63 ampère niet halen qua temperatuurbelasting. Leidingen worden te heet. Die vervangen door hittebestendige siliconenbedrading kan allemaal we, maar is niet altijd de eenvoudigste oplossing.”Groepenverdeler upgraden

Wennekes maakt zich zorgen over de situatie. Hij ziet dat er maar weinig belangstelling is voor componenten om de groepenverdeler te upgraden. “Er is zo weinig vraag naar dat we ons afvragen, gaat het wel goed?” Bij een 3-fase omvormer is het risico op overbelasting veel kleiner. Per fase voegt de omvormer vaak niet meer dan 10A toe. Samen met de 25A van de netbeheerder kan er door de bedrading naar de automaten voor de eindgroepen een maximale stroom van 35 ampère gaan lopen. Zo’n 5A beneden de geteste 40A. Maar een 3-fase omvormer is vaak duurder en is daardoor minder gangbaar. Toch is het, volgens Wennekes, goed om er over na te denken.

Bliksembeveiliging

Nico kluwen van Kennisbank NEN 1010 pleitte in een recente publicatie voor overspanningsbeveiliging in de groepenkast. Die moet dan de spanningspiek door een indirecte blikseminslag voorkomen, vooral in combinatie met zonnepanelen. Volgens Wennekes denkt de normcommissie die werkt aan een update van de NEN 1010 na over de toepassing van de risicoanalyse. Volgens de huidige NEN1010:2015 is die ook al verplicht, maar geldt de overspanningsbeveiliging alleen voor grote installaties in de industrie en medische gebouwen. “Je moet dan het aantal inslagen per kilometer invoeren, de lengte van het bovengrondse en ondergrondse net en daar rolt dan een risicofactor uit. Komt die onder de 1000, dan moet je overspanningsbeveiliging toepassen.”

De verdeler van ABB voor NOM-woningen is al voorzien van overspanningsbeveiliging.

Overspanningsbeveiliging

Uit de eerste testen blijkt dat in heel Nederland, ondanks de afwezigheid van bovengrondse elektriciteitsnetten naar woningen, ook hier al snel overspanningsbeveiliging nodig is. Of de strengere risicoanalyse er in de volgende NEN1010 komt, is nog niet zeker. Wennekes vindt het wel verstandig. Zijn werkgever ABB plaatst ze al standaard in de smart-energy-module, een verdeler boordevol kWh-meters en een gateway voor het monitoren van NOM-woningen. “Wie voor safe gaat, kan het best in de verdeler een overspanningsbeveiliging type 2 plaatsen.”

Update 7 mei: Spanningsveld Bouwbesluit

Marcel Wennekes is zich bewust van het spanningsveld met het Bouwbesluit waar sinds 2005 voor nieuwbouwhuizen een verplichte hoofdschakelaar in staat genoemd. “ABB ziet echter geen gevaar in deze oplossing omdat de situatie eigenlijk niet verandert: er blijft altijd spanning staan op de voedende kant van de hoofdautomaat.” Een hoofdschakelaar met in serie een hoofdautomaat vindt ABB niet echt uitblinken in duidelijkheid. “Het kost de bewoner extra geld, geeft extra warmtedissipatie in de kast. En vaak is er helemaal geen ruimte.” Wennekes zal dan ook in de normcommissie de oplossing voorstellen om toch toe te staan dat de hoofdschakelaar wordt vervangen door een hoofdautomaat. “Voor de overzichtelijkheid tussen voedende en de afgaande kant van de installatie is het wel verstandig om de eindgroep voor de pv-installatie naast de hoofdautomaat te plaatsen. Zet de pv op dezelfde regel als de hoofdschakelaar, dan heb je daar geen verwarring over.”
Andere artikelen over de meterruimte:

Eerste publicatie door Marjolein Eilander op 2 mei 2019
Laatste update: 4 jun 2019

Reageer